In speelronde zestien van Schaakvereniging Zierikzee liep Jeroen van Straten in op titelverdediger en nummer één Aloys Kersten. Van Straten won van Martin Krijger terwijl Kersten met het een externe thuiswedstrijd speelde en won. Het onderlinge verschil is nu negentien punten. Sjaak Spiegels speelde ook in die gewonnen externe wedstrijd en blijft derde op meer dan tachtig punten van Kersten. Deze speelavond vond ook weer de Klassieker plaats, tussen Peter (vader) en Erik (zoon) de Vrieze. Dat werd een vrij tamme editie waarin ‘junior’ de meest fortuinlijke was. Aan diezelfde tafel verraste Efraïm Pronk zijn tegenstander Mark van Rooten, die sinds de jaarwisseling het momentum verloren lijkt te zijn en voor de tweede maal op rij verloor. 

 

Efraïm Pronk – Mark van Rooten 1 – 0

Wanneer Pronk met de witte stukken mag spelen zien we vaak de Poolse opening op het bord, maar dit keer dacht hij eens een andere opening te proberen, het koningsgambiet. Op zichzelf een agressieve opening, die kan leiden tot een partij met veel tactische motieven. Van Rooten deed op zet twee direct een tegen gambiet door d4 te spelen.

Efraim Vs Mark  

Dit liet zich ontwikkelen tot een geïsoleerde centrum pion voor Van Rooten. Na een paar sterke ontwikkelings zetten van Pronk kwam er veel aanvallende druk te staan op de koningsstelling van Van Rooten. Pronk wist de juiste tactische voortzetting niet te vinden en wikkelde af naar een winnend eindspel met een vrije centrum pion en waar beiden nog een toren hadden. Een paar zetten later werd de zwarte koning op g5 schaakmat gezet. 

 

Peter de Vrieze – Erik de Vrieze 0 – 1

Door de seizoenen heen uitgegroeid tot een mooie Klassieker met een gezonde dosis rivaliteit. De statistieken vooraf gaven één punt in het voordeel van junior aan met een stand van 7-8. Senior wist alleen in de eerste twee seizoenen ‘overall’ van junior te winnen, daarna was het steeds minimaal gelijkwaardig. En in de laatste acht onderlinge duels verloor junior er slechts één. De eerste negen zetten van deze editie werd er van beide kanten rustig opgebouwd en was het junior die de opgebouwde spanning in het centrum ophief. Het was eigenlijk een vrij tamme Klassieker waarin beide koningen eigenlijk nooit in gevaar waren. Heel even leek junior met twee torens op rij twee tot een voordeel te komen, maar senior smoorde dit eigenlijk enige aanvallende gevaar van beide kanten in de kiem. Want wat beiden in aanvallend opzicht lieten zien was gewoon heel pover. Het werd een eindspel met ieder een toren en vijf pionnen en senior zou senior niet zijn om remise voor te stellen. Junior had daar na wat overpeinzingen geen zin in en dacht door torens te ruilen in een gewonnen positie te staan. Maar het tegenover gestelde was eigenlijk waar, want dit was echt niet goed. Een cruciaal moment in de partij, maar senior, die zoals gebruikelijk snel speelt, gunde zichzelf te weinig tijd voor een goede afweging en sloeg met zijn koning te laat terug op e4. Senior speelde in plaats daarvan a4 waarna junior met zijn koning bij kon sluiten, zo wat tempi kon winnen en na het opruimen van pionnen het wedstrijdje ‘hardlopen voor gevorderden’ won van senior. Senior had nog één kans om gelijk te maken maar maakte met koning h7 de enige blunder in de partij. Pion promotie op g8 had gelijk gemaakt. Uiteindelijk was over hele partij gezien junior de meest fortuinlijke.

 

Dick Doeswijk – Fokko Baakman 0 – 1

De opening was zoals zo vaak e4-e5 waarna de witte loper het paard op c6 sloeg en zo Baakman een dubbel pion gaf. Baakman gebruikte deze dubbel pion om zijn centrum pionnen op te spelen na de ontwikkeling van de nodige stukken. En dat gaf Baakman een positioneel voordeel.

Dick Vs Fokko  

Op de tiende zet ging Baakman in het centrum over tot de aanval en raakte zijn dubbel pion door afruil weer kwijt en hield er een sterk centrum aan over. Nadat beiden gerokeerd hadden en Doeswijk koos voor dame ruil in plaats van zich terug te trekken hield Baakman het initiatief. Toen Doeswijk zijn paard verloor door een penning was er geen houden meer aan en gaf Doeswijk op.

 

Martin Krijger – Jeroen van Straten 0 – 1

Na de opening ontstond er een klassieke strijd. Wit viel op de koningsvleugel aan en zwart op de damevleugel, waarbij wit al lang gerokeerd had. De zwarte koning stond nog op e8. De zwarte pionnen konden doormarcheren naar de vierde rij , waarna zwart de witte koning in het nauw bracht. Door een combinatie met Ta3 kreeg zwart beslissend voordeel en moest wit de strijd staken.

Martin K Vs Jeroen  

 

Floris van der Voorn – Marnix den Boer 1 – 0

Van der Voorn opende zoals gewoonlijk met wit met de London. Maar Den Boer kon eerder zijn witte loper ontwikkelen naar f5. Van der Voorn keek daar niet van op en zette zijn loper gewoon op d3. Den Boer kon er nu voor kiezen om die te slaan en Van der Voorn zijn dame te laten ontwikkelen, maar hij koos ervoor om de loper terug te zetten naar g6. Van der Voorn sloeg die loper en weer stond Den Boer voor een keuze. Hij kon kiezen welke pion hij gebruikte om die loper terug te slaan. Hij koos uiteindelijk voor de f-pion, een fout. Dit zorgde voor een zwakkere koningspositie, maar nog geen onmiddellijke ramp.

Marnix Vs Floris  

Even later was de positie weer ongeveer gelijk na het verkeerd terugslaan van een stuk. Toen sloeg Den Boer met de loper het paard van Van der Voorn op e5. Zonder veel na te denken werd die meteen teruggeslagen door Van der Voorn met zijn paard. Dit blijkt in de computeranalyse wel de beste zet te zijn. Maar op dat moment leek het minder, doordat Den Boer hier een vork kreeg op de dame en een toren. Van der Voorn kreeg nog wel een pion terug en probeerde steeds de koning van Den Boer schaak te zetten. Dit werd Den Boer te heet onder de voeten en hij blunderde toen zelf een vork weg. Het resulteerde uiteindelijk in een dame-tegen-dame-eindspel waarin Van der Voorn nog zeven pionnen had en Den Boer vier. Van der Voorn dacht dat het toen zo ongeveer over was, maar dat bleek toch niet zo te zijn. Na veel zwoegen kwam Van der Voorn er toch uit, hij dreigde een extra dame te maken en Den Boer gaf zich gewonnen.

 

Marco Vieveen – Ernst van de Beek 0 – 1

Van de Beek dacht tegen Baakman het lek boven te hebben, maar kreeg tegen Van der Westen een nieuwe dreun. Tegen Vieveen moest van de Beek werken aan zelfvertrouwen, en ondanks een paar grove missers lukte dat. Vieveen opende met e4, en speelde op de Franse e6 pc3. een gevecht om de centrumvelden ontstond, waarbij wit goed de aanvallende intenties van zwart pareerde. Na een te vroege d5 - eerst was pf6 nodig - kwam wit met een beest van een paard in het centrum te staan. van de Beek zag het somber in - het zal toch niet wéér -, maar ging manmoedig aan de slag het witte paard te verjagen. Wat prompt lukte. Vieveen had de waarde van zijn paard in het centrum onderschat. Toen hij het dier terughaalde naar de eigen stelling liet hij een enorm gat open op de d lijn voor de zwarte dame. Op zich was er voor wit nog steeds niet veel aan de hand, maar Vieveen was zodanig van de leg dat hij prompt zijn verdedigende toren uit positie schoof. Hierdoor kon zwart een mataanval optuigen die door wit niet meer tegen te houden was. 

 

UITSLAGEN

STAND

 

Arjan Vs Pieter Jan  

John Vs Frans N  

Ben Vs Jac